Waarom hormonale veranderingen de slaap beïnvloeden
De menopauze is een fase van ingrijpende veranderingen, zowel lichamelijk als geestelijk. Dalende hormoonspiegels hebben invloed op talrijke processen in het lichaam, en een daarvan raakt rechtstreeks onze slaap. Vooral het hormoon oestrogeen, dat een rol speelt bij de regulering van de lichaamstemperatuur, de stemming en de aanmaak van het ‘slaaphormoon’ melatonine, neemt in deze levensfase aanzienlijk af, waardoor het natuurlijke slaap-waakritme uit balans raakt: Normaal gesproken stijgt de melatonineconcentratie ’s avonds om het lichaam voor te bereiden op rust – als de afgifte daalt, blijft de vermoeidheid uit, zelfs als men uitgeput is.
Studies tonen aan dat vrouwen in de perimenopauze en menopauze hierdoor, en bovendien door nachtelijke opvliegers en een verhoogd stresshormoonniveau, vaker last hebben van een zogenaamd gefragmenteerd slaappatroon – dat wil zeggen: veel korte, oppervlakkige slaapfasen in plaats van langere diepe slaapcycli. Daardoor duurt het vaak langer om in slaap te vallen, worden de diepe slaapfasen korter en worden veel vrouwen in de vroege ochtenduren steeds weer wakker.